Arthur Wevers
Orgaanvlees #1

Wanneer de wratten die op je wangen wrochten,
de schurftige schimmel die je scharlaken schoft
en de puike puisten die je penis pochten
tot een plakkerige placenta zijn geploft,

wanneer de maden die op je mondje mochten
en waar je romper duchtig mee was opgedoft
door de krochten van karbonkels zijn bevochten
en zich slijmerige staketsels heeft gesloft,

en wanneer de zure zompen van je zwendelaar
die in de grachten van je gesteggel graaien
uit de broeiende bochten van je bottelaar
een warm en warrig windje heeft weten waaien,
dan kachel je krachtens de kloekste klachten klaar
om de tepels van een teefje te bevlaaien.